De Spiegel

In de rubriek ‘De Spiegel’ houden bestuurders en betrokken stakeholders het mbo een spiegel voor in een column. meer...Waar zijn ze trots op, wat zou beter kunnen, wat drijft hen? Kan de samenwerking tussen ondernemers, onderwijs en overheid bijdragen aan het toekomstbestendig opleiden van jonge vakmensen? Hoe houden we het onderwijs jong en hoe zorgen we ervoor dat jongeren zich uitgedaagd weten en zich herkennen in dat onderwijs? Welke persoonlijke bijdragen zijn hiervoor nodig?
Deze keer: Column Peter van Mulkom, voorzitter College van Bestuur ROC Nijmegen

Van een lerende organisatie naar een lerend netwerk met vervagende grenzen

Peter van Mulkom
voorzitter College van Bestuur ROC Nijmegen

Als je niet intrinsiek met de publieke opdracht van een ROC betrokken bent, dan krijg je het moeilijk. Ik geloof sterk in goed voorbeeldgedrag en in de kracht van de Coalition of the Willing, in een samenwerking van mensen die intrinsiek de noodzaak voelen op een bepaald thema de handen ineen te slaan.

Ik werk nu 4 jaar in het mbo. Ik heb de complexiteit daarvan onderschat. Veel opdrachten binnen het mbo zijn divers en verhouden zich lang niet altijd tot elkaar.

Met betrekking tot kwetsbare jongeren hebben we het vooral over een pedagogische opdracht: het creëren van eigenwaarde. Dat zit soms verder weg dan vakmanschap.

Anderzijds is de opdracht van het mbo ook, vakmensen op te leiden waar vaak een gigantisch tekort aan is. Kwetsbare jongeren opleiden en het opleiden tot vakmanschap is niet altijd dezelfde opdracht.

Leidinggeven en daarbij met een been in de arbeidsmarkt staan, is de derde opdracht voor een teammanager. Zich verhouden tot de arbeidsmarkt is niet altijd de natuurlijke modus van een mbo-opleiding. Wij doen dat nog te weinig, waardoor we niet altijd zicht hebben op wat er in het onderwijsproces moet gebeuren om recht te doen aan de vraag van die arbeidsmarkt. Wie moet bij- of hergeschoold worden? Hoe kan daar flexibel op ingespeeld worden? Daar ligt echt de uitdaging voor de komende jaren en dat ligt niet per definitie in onze cultuur opgesloten, omdat we groot zijn geworden als vervolgopleiding van scholieren uit het Voortgezet Onderwijs.

In het kader van Leven Lang Ontwikkelen hebben we een verantwoordelijkheid naar de maatschappij. Van binnenuit moeten we teams verantwoordelijkheid geven om de slag naar de arbeidsmarkt beter en doordachter te maken met een state-of-the-art inhoud.

Waar het voor mij om gaat, is dat ik heilig geloof in de kracht van de teams. Je kunt alles faciliteren en de beste staf van het westelijk halfrond hebben: de teams zorgen voor de beste match. Daar ligt de sleutel voor succes. Die teams zullen binnen de kaders van een ROC de verbinding met de arbeidsmarkt moeten vinden. Daar ligt de slagkracht die je wil bereiken, waarbij de teams moeten mee-ademen met de vraag van de arbeidsmarkt.

De uitdagingen zijn zo complex dat vaste structuren niet meer van deze tijd zijn. Deze vaste structuren bieden op zich enig houvast, maar de ontwikkelingen gaan snel op inhoud en pedagogisch klimaat. Je verkeert continu in een leermodus. In Nijmegen krijgt het fenomeen lerende organisatie daarom steeds meer vorm. Soms moet de vertaalslag landelijk gemaakt worden, soms op provinciaal niveau in Gelderland of Brabant en soms in de eigen omgeving. Dat vraagt voortdurend om nieuwsgierigheid. Wat gebeurt er in een ander team? Hoe kunnen we leisure en uiterlijke verzorging met elkaar verbinden? Wat kunnen we brengen of halen? Soms accepteren dat je glansrijk faalt, maar zeker niet vergeten successen met elkaar te vieren.  In een lerende organisatie creëren we in diverse verbanden korte en lange termijn verbindingen, ook op landelijk en provinciaal niveau.

“Coalition of the willing pakt zaken vanuit het positieve op”

Ik ben voorzitter van het bestuur van de stichting Kwaliteitsnetwerk mbo. We willen de beweging maken naar een netwerkstructuur. Uitgaande van het versterken van het leervermogen van de sector en van de dynamiek daarbinnen en daarbuiten, willen we leervragen en aangeslotenen verbinden op basis van behoefte en timing. Noem het een Coalition of the Willing die dan optreedt. Ik heb een vraag rondom teamontwikkeling en verbindt me dan aan dit thema met andere partijen voor wie dit nu ook relevant is. De stichting probeert dan te faciliteren dat die vraagstukken worden opgelost.
Dat zou ook de rol van Kennispact MBO Brabant kunnen zijn. Je creëert een lerend netwerk waarbinnen je brengt, haalt en ontdekt. Kennispact MBO Brabant kan dan heel veel bieden, waarbij de vraagarticulatie vanuit de betrokken instellingen leidend is. Leven lang ontwikkelen, professionalisering, onderwijskundige innovatie: er spelen allerlei vraagstukken. De vraag is hoe ik dan kan meedoen met vraagstukken, waar ik intrinsiek mee geïnvolveerd ben, in een kortcyclische innovatie. Dat vraagt om een Coalition of the Willing in allerlei kennisateliers.

Op dit moment komen vraagstukken niet ‘just in time’. Dat moet beter! Er is bijvoorbeeld sprake van pedagogische handelingsverlegenheid omdat we worstelen met veel vraagstukken van kwetsbare jongeren. Als ik daar een scholing op wil zetten voor docenten, dan zou ik dat graag met andere mbo-instellingen opzetten. We zijn echter niet zo gewend aan netwerkstructuren. Voor een lerende organisatie is het nodig dat contactpersonen rond bepaalde thema’s elkaar opzoeken waar het nodig is op het juiste moment. Op het voorbeeld van het vraagstuk energietransitie moeten we nu de handen ineenslaan. Vaak zijn we er echter nog niet klaar voor, hoewel met een aantal roc’s best het een en ander gebeurt. In de zorg is al veel vaker sprake van samenwerking, omdat de urgentie wellicht eerder gevoeld is. De noodzaak om ergens aan deel te nemen moet veel meer intrinsiek vanuit de eigen organisaties komen. Kennispact MBO Brabant moet dan in de haarvaten van de deelnemende organisaties komen, minder vanuit Kennispact zelf gedacht. We moeten zoeken naar logische verbindingen, waarbij het bureau Kennispact MBO Brabant eerder facilitator van vraagarticulatie is. Kennispact zou dan flexibeler, minder centraal en meer vraaggericht gaan werken. Meer dingen gaan doen waar om gevraagd wordt, door het in kaart brengen van de behoefte.

De Coalition of the Willing pakt zaken vanuit het positieve op en daar hoeft niet altijd iedereen bij te zijn. Organiseer leerbijeenkomsten en haal de behoefte op. De kennisinstellingen hebben zelf de verantwoordelijkheid om de juiste vragen boven te laten komen. Bijvoorbeeld door het op grote schaal opleiden van koks in een flexibel traject, omdat hier een groot tekort aan is.

Als bestuurder wil ik dit soort processen faciliteren. Bestaande structuren staan voor een grote veranderopgave. Er moeten scholingstrajecten voor jong en oud komen in een basisstructuur om op terug te vallen. Met daarnaast flexibilisering op inhoud, tempo en certificaten. Er zijn genoeg uitdagingen om al deze zaken met elkaar te verbinden.

De toekomst in 2030

De grenzen tussen ROC’s zullen onder invloed van al deze ontwikkelingen en uitdagingen gaan vervagen. Ook de grenzen tussen scholen en bedrijven/instellingen zullen vervagen, zoals die tussen mbo en hbo. In een netwerkorganisatie zoek je elkaar op als je elkaar nodig hebt. Het Kennispact MBO Brabant kan een belangrijke rol vervullen in het bij elkaar brengen van lerende netwerken op basis van de vraag vanuit de kennisinstellingen. Het principe van de Coalition of the Willing is daarbij leidend, zodat we ontwikkelen van een lerende organisatie naar een lerend netwerk met vervagende grenzen.

Fred van der Westerlaken
Cor van Gerven